Artikel 3:310 BW – Verjaring van schadevorderingen
Burgerlijk Wetboek (BW) · Boek 3. Vermogensrecht in het algemeen › Titel 11. Rechtsvorderingen · niet-officieel opschrift
Kort uitgelegd
Artikel 3:310 BW regelt de verjaring van vorderingen tot schadevergoeding of een bedongen boete: vijf jaar na bekendheid met schade of opeisbaarheid en de aansprakelijke persoon, en hoe dan ook twintig jaar na de schadeveroorzakende gebeurtenis. Bij milieuschade geldt in plaats daarvan dertig jaar, met een afwijkende aanvang bij bodembeweging door gaswinning uit het Groningenveld, en bijzondere regels voor voortdurende of opeenvolgende feiten. Komt de schade voort uit een strafbaar feit, dan verjaart de vordering tegen de dader niet zolang het recht tot strafvordering bestaat. Bij letsel of overlijden geldt, in afwijking van lid 1 en 2, alleen vijf jaar na bekendheid, bij minderjarigen pas na meerderjarigheid.
Begrijpelijke samenvatting. Alleen de tekst van het artikel is juridisch bindend.
Rechtspraak over Artikel 3:310 BW
Andere artikelen in dit onderdeel
- Artikel 3:304Onsplitsbaarheid van rechtsvordering en recht
- Artikel 3:305Bevoegdheden van arbiters
- Artikel 3:305aCollectieve belangenvordering door rechtspersonen
- Artikel 3:305bCollectieve vordering ter bescherming van belangen
- Artikel 3:305cCollectieve actie door buitenlandse organisatie
- Artikel 3:305caCollectieve actie bij oneerlijke handelspraktijken onlinetussenhandel
- Artikel 3:305dCollectieve vordering van belangenorganisaties
- Artikel 3:305eAanwijzing van bevoegde instantie voor representatieve vordering
- Artikel 3:306Verjaringstermijn van twintig jaren
- Artikel 3:307Verjaring van vorderingen tot nakoming
- Artikel 3:308Verjaring van periodieke betalingen
- Artikel 3:309Verjaring van vordering uit onverschuldigde betaling
- Artikel 3:310aVerjaring van vordering tot teruggave van cultuurgoederen
- Artikel 3:310bVerjaring van opeising van cultuurgoederen
- Artikel 3:310cVerjaring van teruggave van cultuurgoederen
- Artikel 3:310dVerjaring van rechtsvordering tot bescherming bedrijfsgeheim
- Artikel 3:311Verjaring van vorderingen uit tekortkoming
- Artikel 3:312Verjaring van nevenvorderingen
- Artikel 3:313Aanvang van de verjaringstermijn
- Artikel 3:314Aanvang verjaringstermijn bij onrechtmatige toestand
- Artikel 3:315Verjaring van vordering tot opeising van nalatenschap
- Artikel 3:316Stuiting van de verjaring door rechtsvervolging
- Artikel 3:317Stuiting van verjaring
- Artikel 3:318Stuiting van verjaring door erkenning