Officiële bronnenwetten.overheid.nl · EUR-Lex
Europaius

Artikel 7:677 BW

Burgerlijk Wetboek (BW) · Boek 7. Bijzondere overeenkomsten › Titel 10. Arbeidsovereenkomst › Afdeling 9. Einde van de arbeidsovereenkomst

Kort uitgelegd

Dit artikel bepaalt dat beide partijen de arbeidsovereenkomst onverwijld mogen opzeggen om een dringende reden, mits deze onverwijld wordt meegedeeld. Wie door opzet of schuld zo'n reden veroorzaakt, is bij gebruikmaking door de wederpartij een vergoeding verschuldigd, afhankelijk van het type overeenkomst. Opzegging van een niet-tussentijds opzegbare overeenkomst voor bepaalde tijd in strijd met lid 1 leidt tot een vergoeding, die de kantonrechter kan matigen tot minimaal drie maanden loon; de werknemer kan vernietiging van de opzegging verzoeken. De kantonrechter kan de vergoeding bij lid 2 onder voorwaarden matigen of, bij opzegging door de werknemer, verhogen. Bedingen die deze bevoegdheden uitsluiten zijn nietig.

Begrijpelijke samenvatting. Alleen de tekst van het artikel is juridisch bindend.

1Ieder der partijen is bevoegd de arbeidsovereenkomst onverwijld op te zeggen om een dringende reden, onder onverwijlde mededeling van die reden aan de wederpartij.
2De partij die door opzet of schuld aan de wederpartij een dringende reden heeft gegeven om de arbeidsovereenkomst onverwijld op te zeggen, is aan de wederpartij een vergoeding verschuldigd, indien de wederpartij van die bevoegdheid gebruik heeft gemaakt.
3De vergoeding, bedoeld in lid 2, is:

a. in geval van een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd en van een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd die tussentijds kan worden opgezegd, gelijk aan het bedrag van het in geld vastgestelde loon over de termijn dat de arbeidsovereenkomst bij regelmatige opzegging had behoren voort te duren;

b. in geval van een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd die niet tussentijds kan worden opgezegd, gelijk aan het bedrag van het in geld vastgestelde loon over de termijn dat de arbeidsovereenkomst geduurd zou hebben indien deze van rechtswege zou zijn geëindigd.

4De partij die een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd die niet tussentijds kan worden opgezegd, in strijd met lid 1 opzegt, is aan de wederpartij een vergoeding verschuldigd gelijk aan het bedrag van het in geld vastgestelde loon over de termijn dat de arbeidsovereenkomst geduurd zou hebben indien deze van rechtswege zou zijn geëindigd. De kantonrechter kan de vergoeding, bedoeld in dit lid, matigen indien hem dit met het oog op de omstandigheden billijk voorkomt, maar tot niet minder dan het in geld vastgestelde loon voor drie maanden. De werknemer kan de kantonrechter verzoeken de opzegging te vernietigen.
5De kantonrechter kan de vergoeding, bedoeld in lid 2:

a. matigen, indien hem dit met het oog op de omstandigheden billijk voorkomt, met dien verstande dat de vergoeding, bedoeld in lid 3, onderdeel a, ten minste gelijk is aan het bedrag van het in geld vastgestelde loon over de termijn dat de arbeidsovereenkomst bij toepassing van de opzegtermijn, bedoeld in artikel 672 , had behoren voort te duren;

b. op een hoger bedrag stellen, indien de opzegging geschiedt door de werknemer en hem dit gelet op de omstandigheden billijk voorkomt.

6Bij regeling van Onze Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid kan worden bepaald dat de kantonrechter de vergoeding, bedoeld in lid 4, op een hoger bedrag kan stellen ten laste van de werknemer, indien de werknemer een in die regeling aan te wijzen functie in een bedrijfstak uitoefende. Uitsluitend functies in een bedrijfstak die zijn aangewezen in de ministeriële regeling, bedoeld in artikel 668a, lid 8 , kunnen worden aangewezen als een functie als bedoeld in de eerste zin.
7Elk beding waarbij de bevoegdheid, bedoeld in lid 1 of in lid 4, laatste zin, wordt uitgesloten of beperkt, is nietig.

Officiële bron: wetten.overheid.nl · Volledige tekst · Inhoudsopgave

Rechtspraak over Artikel 7:677 BW

893

Verwijzingen in dit artikel

2

Artikelen die naar dit artikel verwijzen

7

Andere artikelen in dit onderdeel

Tekst volgens de officiële bron. Alleen de officiële bekendmaking is rechtsgeldig.